Ursula Le Guin: met woorden het mogelijke zichtbaar maken

door Marco Derksen op 9 augustus 2026

“Any human power can be resisted and changed by human beings. Resistance and change often begin in art. Very often in our art, the art of words.”

Met deze woorden formuleerde de Amerikaanse schrijfster Ursula K. Le Guin bij het ontvangen van de Medal for Distinguished Contribution to American Letters in 2014 een gedachte die veel van haar werk verbindt. Menselijke samenlevingen en machts-verhoudingen zijn niet vanzelfsprekend of onveranderlijk. Maar om ze te kunnen veranderen, moeten we ons eerst kunnen voorstellen dat het anders kan. Daar ligt voor Le Guin een belangrijke betekenis van literatuur: woorden kunnen onze werkelijkheid zichtbaar maken als één mogelijkheid tussen andere en daarmee ruimte openen voor andere manieren van denken, leven en samenleven.

Afgelopen weekend las ik het profiel dat Daphné Dupont-Nivet over Le Guin schreef voor De Groene Amsterdammer en luisterde ik naar de bijbehorende podcast, met Dupont-Nivet en Le Guin-biograaf Julie Phillips. Het was voor mij aanleiding om weer eens in het werk en denken van Ursula Le Guin te duiken.

Ursula Kroeber Le Guin werd in 1929 geboren in Berkeley, Californië. Haar vader Alfred Kroeber was antropoloog en haar moeder Theodora Kroeber werd later bekend als schrijver. In haar ouderlijk huis kwam Le Guin in aanraking met antropologie, verschillende culturen, verhalen en mythologie. Haar vader was sterk beïnvloed door het cultuurrelativisme, dat zich onder meer verzette tegen het idee dat culturen in een evolutionaire hiërarchie konden worden gerangschikt. Deze omgeving vormde een voedingsbodem voor Le Guins latere belangstelling voor de verschillende manieren waarop mensen de werkelijkheid begrijpen en samenlevingen organiseren.

Ze studeerde Franse en Italiaanse literatuur aan Radcliffe College en Columbia University. In 1953 trouwde ze met historicus Charles Le Guin. Het echtpaar vestigde zich uiteindelijk in Portland, Oregon, waar Le Guin het grootste deel van haar leven woonde en werkte. Ze combineerde haar schrijverschap met de opvoeding van drie kinderen. Zelf beschouwde ze het dagelijks leven en de verantwoordelijkheden die daarbij horen niet als een belemmering voor haar werk, maar als een belangrijke voedingsbodem ervoor.

Le Guin schreef romans, korte verhalen, essays, poëzie, kinderboeken en literaire kritieken. Ze werd vooral bekend door sciencefiction en fantasy, hoewel ze zich verzette tegen de gedachte dat deze genres minder serieus zouden zijn dan realistische literatuur. Tot haar bekendste werken behoren A Wizard of Earthsea (1968), The Left Hand of Darkness (1969), The Dispossessed (1974) en het korte verhaal The Ones Who Walk Away from Omelas (1973).

De essentie van haar werk
Le Guin gebruikte fictie om aannames over de bestaande wereld te onderzoeken. Haar denkbeeldige samenlevingen zijn daarom zelden blauwdrukken voor een betere toekomst. Ze functioneren eerder als gedachte-experimenten. Ze verandert een aantal voorwaarden, bijvoorbeeld rond gender, bezit, macht of sociale organisatie, en onderzoekt vervolgens de consequenties. De onderliggende vraag is steeds: wat leert deze andere wereld ons over de manier waarop wij zelf leven?

Dat is goed zichtbaar in The Left Hand of Darkness (1969), waarin ze een samenleving beschrijft waarvan de inwoners geen permanent mannelijk of vrouwelijk geslacht hebben.

Mijn favoriete korte verhaal van Le Guin is The Ones Who Walk Away from Omelas (1973). In dit verhaal laat Le Guin de lezer nadenken over een moreel dilemma. Ze beschrijft een bijna ideale samenleving waarin iedereen gelukkig is. Maar dat geluk blijkt alleen mogelijk doordat één kind moet lijden. En iedereen weet dat. Le Guin vertelt de lezer niet wat de juiste keuze is. Je moet zelf bepalen wat het betekent om in zo’n samenleving te blijven of juist weg te gaan. Zo stelt ze een eenvoudige maar ongemakkelijke vraag: mag het geluk van heel veel mensen ten koste gaan van één ander? En heiligt een goed doel de middelen? Zelf heb ik dit verhaal in 2023 gebruikt voor mijn TED-talk voor TEDxHaarlem.

Ook haar opvatting over verhalen is kenmerkend voor haar denken. In het essay The Carrier Bag Theory of Fiction (1986) stelde ze het dominante, lineaire verhaal ter discussie: de held die een doel nastreeft, obstakels overwint en uiteindelijk zegeviert. Ze gebruikte daarvoor het beeld van de speer. Daartegenover plaatste ze de draagtas: een verhaal waarin mensen verzamelen, zorgen, relaties aangaan, terugkeren en betekenis opbouwen. Het leven beweegt volgens deze gedachte niet noodzakelijk van A naar B, maar kent omwegen, herhalingen en onderlinge afhankelijkheden.

Daarin is ook de invloed van het taoïsme herkenbaar. Le Guin was geïnteresseerd in evenwicht, ontvankelijkheid en handelen zonder alles vooraf te willen beheersen. Eind jaren negentig publiceerde ze haar eigen versie van de Tao Te Ching (1997). In haar werk keert het idee terug dat processen en middelen minstens zo belangrijk zijn als doelen.

Le Guin paste haar kritische houding ook op zichzelf toe. Vanaf de jaren zeventig kreeg ze feministische kritiek omdat haar werk weliswaar bestaande genderverhoudingen onderzocht, maar tegelijk mannelijke hoofdpersonen en conventies bleef gebruiken. Ze reageerde daarop door haar eerdere aannames opnieuw te onderzoeken en later delen van haar werk vanuit andere perspectieven te schrijven. Volgens Phillips bezat Le Guin een combinatie van intellectuele flexibiliteit en integriteit die het haar mogelijk maakte gedurende haar leven nieuwe inzichten toe te laten en van gedachten te veranderen.

Die ontwikkeling is ook te zien in Worlds of Ursula K. Le Guin (full movie) (2019), de documentaire van filmmaker Arwen Curry. De film kwam gedurende ongeveer tien jaar met Le Guins medewerking tot stand en volgt zowel haar persoonlijke ontwikkeling als die van haar schrijverschap. Daarbij komen onder meer gender, feminisme en haar positie tegenover de literaire mainstream aan bod. De documentaire laat ook zien hoe Le Guin haar schrijverschap zelf als een proces van ontdekking beschouwde. Over het maken van haar denkbeeldige werelden zegt ze dat het voor haar minder voelde als iets verzinnen dan als ergens aanwezig zijn, rondkijken en luisteren.

Woorden en verandering
Le Guin overleed in 2018 op 88-jarige leeftijd. Haar werk wordt inmiddels gelezen vanuit onder meer feministische, ecologische en anarchistische perspectieven. Tegelijk doet geen van die labels volledig recht aan haar manier van denken. Ze gebruikte literatuur niet primair om lezers te vertellen welke samenleving zij moesten nastreven. Ze gebruikte verbeelding om bestaande zekerheden ter discussie te stellen en andere mogelijkheden zichtbaar te maken.

Daarmee komen we terug bij haar woorden uit 2014. Voor Le Guin betekende de veranderbaarheid van menselijke macht niet dat iedere gewenste verandering eenvoudig te realiseren is. Haar werk waarschuwt juist voor politieke idealen waarbij het doel de middelen gaat rechtvaardigen. Haar aandacht verschuift daardoor van de perfecte eindtoestand naar de manier waarop mensen onderweg handelen en met elkaar omgaan.

Daar zit een spanning in die kenmerkend is voor haar denken. Le Guin gelooft in de mogelijkheid van maatschappelijke verandering, maar wantrouwt de gedachte dat iemand vooraf precies kan bepalen hoe die nieuwe wereld eruit moet zien. Haar verhalen geven daarom zelden antwoorden. Volgens Phillips wilde Le Guin eerder deuren en ramen openen, zodat anderen zelf naar binnen en buiten konden bewegen. Je kunt met een vraag naar haar werk gaan, maar krijgt eerder nieuwe vragen dan een afgeronde oplossing.

Haar uitspraak over “the art of words” kan vanuit dat perspectief worden gelezen. Taal verandert de samenleving niet rechtstreeks, maar beïnvloedt wel hoe we de werkelijkheid begrijpen en wat we daarin voor mogelijk houden. Wie andere werelden kan verbeelden, kan de bestaande wereld leren zien als één mogelijkheid tussen andere.

Daarin schuilt ook een verantwoordelijkheid. Woorden kunnen mogelijkheden openen, maar ze kunnen menselijke keuzes en bestaande machtsverhoudingen ook aan het zicht onttrekken door een bepaald beeld van de werkelijkheid vanzelfsprekend te maken. Juist daarom blijft Le Guins werk relevant. Ze biedt geen vastomlijnde theorie voor maatschappelijke verandering, maar nodigt uit kritisch te onderzoeken welke verhalen ons denken vormen, wat daardoor zichtbaar wordt en wat juist buiten beeld blijft.

Wat natuurlijk, noodzakelijk of onvermijdelijk lijkt, is vaak mede het resultaat van menselijke keuzes en van de taal waarin we daarover spreken. Dat is misschien zowel de kracht als de waarschuwing in Le Guins art of words: met woorden kunnen we het mogelijke zichtbaar maken, maar woorden beïnvloeden ook wat we niet meer zien. En juist daarom doet het ertoe welke woorden en verhalen we kiezen.

Bronnen

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Laatste blogs

Bekijk alle blogs (1439)
Contact