Blog:

Rechter test Wet open overheid (Woo) en stelt eigen rol ter discussie

door Marco Derksen op 25 april 2026

De Wet open overheid (Woo) geeft burgers en journalisten het recht om overheidsinformatie op te vragen. De wet is bedoeld om transparantie te bevorderen, maar roept in de praktijk ook vragen op over de uitvoerbaarheid en mogelijk misbruik. Hoewel die zorgen breed leven binnen overheden en de politiek, ontbreekt tot nu toe overtuigend empirisch bewijs dat dergelijk misbruik op grote schaal voorkomt.

Afgelopen week bracht onderzoeksplatform Follow the Money naar buiten dat een bestuursrechter van de rechtbank Noord-Holland in 2025 zelf ongeveer vierduizend Woo-verzoeken heeft ingediend bij alle 342 Nederlandse gemeenten. Deze verzoeken waren omvangrijk en complex opgebouwd, met telkens nieuwe deelvragen die gemeenten verplichtten tot uitgebreide zoek- en beoordelingsprocessen. In sommige gemeenten vormden deze verzoeken een aanzienlijk deel van het totale aantal Woo-aanvragen in dat jaar. De rechter communiceerde uitsluitend per post en trok alle verzoeken na ongeveer anderhalve maand weer in.

Volgens zijn eigen verklaring was het doel niet om informatie te verkrijgen, maar om te onderzoeken hoe kwetsbaar het systeem is voor misbruik. Hij wilde gemeenten bewust maken van deze kwetsbaarheid en hen ertoe bewegen dit probleem onder de aandacht te brengen bij de landelijke politiek. Daarbij verwees hij onder meer naar het risico dat indieners dwangsommen kunnen ontvangen wanneer overheden niet tijdig reageren. Zo betaalde de Rijksoverheid in een jaar circa één miljoen euro aan dergelijke dwangsommen. Tegelijkertijd erkende de rechter dat hij geen harde data had over de omvang van misbruik en dat zijn actie bedoeld was om die lacune te vullen.

De casus krijgt extra gewicht doordat de rechter eerder uitspraken deed in Woo-zaken, waarin hij geregeld wees op mogelijk misbruik door burgers en de overheid relatief ruime termijnen gaf om verzoeken af te handelen. Zijn handelwijze roept daardoor vragen op over de scheiding tussen zijn rol als rechter en die als onderzoeker. De rechtbank Noord-Holland heeft verklaard dat door zijn optreden de schijn van partijdigheid kan zijn ontstaan, omdat dezelfde gemeenten die hij benaderde ook partij kunnen zijn in rechtszaken. De rechter behandelt voorlopig geen zaken en de kwestie wordt onderzocht.

Ook vanuit de rechtersvakbond is kritiek geuit; het handelen wordt als disproportioneel gezien en er wordt benadrukt dat een rechter andere middelen heeft om mogelijke problemen met wetgeving te signaleren.

De belangrijkste conclusie is dat deze actie aantoont dat het mogelijk is om het Woo-systeem zwaar te belasten, maar geen bewijs levert dat dergelijk gebruik structureel voorkomt onder burgers. Breder onderzoek wijst er bovendien op dat er een duidelijke kloof bestaat tussen de perceptie van misbruik en het empirisch aangetoonde gebruik van de Woo, waarbij structureel misbruik nauwelijks is vastgesteld.

Bronnen

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Laatste blogs

Bekijk alle blogs (1371)
Contact