Via Albert-Jan Kruiter zag ik een LinkedIn-bericht van Kapé Breukelaar, die de zorgkosten in Nederland op basis van CBS-cijfers inzichtelijk maakte. Want waar hebben we het eigenlijk over als we naar die zorgrekening kijken?
De kosten voor zorg en welzijn zijn, net als die voor sociale zekerheid, goed voor ongeveer een kwart van de rijksbegroting. In 2024 gaven we samen ruim 155 miljard euro uit aan zorg en welzijn. Dat komt neer op zo’n 8.500 euro per persoon. Breukelaar toont in zijn bericht een lange lijst met kostencategorieën en stelt terecht dat wie het gesprek over die kosten wil voeren, al snel op ethische vragen stuit. Wat is de waarde van een extra levensjaar? Hoe goed is dat levensjaar? Wat mag het kosten? En welke behandelingen horen nog in het basispakket?
Belangrijke vragen. Maar praten we niet te veel over de stijgende zorgkosten en te weinig over de vraag waarom die zorgvraag toeneemt? Waarom worden mensen ziek? En wat doen we eigenlijk aan preventie? Van alle uitgaven aan zorg en welzijn gaat minder dan tien procent naar het voorkomen van ziekte. We investeren vooral in het behandelen van klachten, niet in het gezond houden van mensen. We weten precies wat ziekte ons kost, maar hebben nauwelijks zicht op wat gezondheid ons oplevert.
Gezondheid begint bij bestaanszekerheid en vitaliteit. Mensen hebben een veilig huis nodig, een stabiel inkomen en perspectief op de toekomst. Dat geeft rust en ruimte om goed voor jezelf te zorgen. Maar het werkt ook andersom. Wie zich fysiek en mentaal fit voelt, kan beter omgaan met stress en onzekerheid. Zekerheid en vitaliteit versterken elkaar.
In Nederland leven ongeveer 1,3 miljoen mensen in bestaansonzekerheid. Zij leven gemiddeld vijf tot zes jaar korter en brengen vijftien jaar meer door in slechte gezondheid dan mensen met meer zekerheid. In buurten waar stress, schulden en armoede de norm zijn, liggen de zorgkosten bijna twee keer zo hoog als in rijkere wijken. Het RIVM rekende uit dat elke euro die je investeert in inkomen, huisvesting of schuldenpreventie tussen de anderhalve en bijna drie euro aan maatschappelijke waarde oplevert. Niet alleen door minder zorggebruik, maar ook door meer stabiliteit, participatie en welzijn.
Toch missen we overzicht. We weten precies wat een ziekenhuisbezoek kost, maar niet wat het oplevert als iemand zich veilig voelt, geen schulden meer heeft of beter slaapt. Terwijl juist dát soort factoren bepalend zijn voor onze gezondheid. Is het daarom niet tijd voor een nieuwe benadering? Naast de zorgrekening ook een gezondheidsrekening. Een systeem dat laat zien hoe leefstijl, leefomgeving en mentale balans bijdragen aan gezondheid.
Die gezondheidsrekening kunnen we koppelen aan een bredere bestaanszekerheids-rekening, waarin ook inkomen, wonen, werk en onderwijs worden meegenomen. Zo krijgen we een beter beeld van wat echt helpt om mensen gezond en veerkrachtig te houden. Geen boekhouding die alleen kosten bijhoudt, maar een rekeninstrument dat laat zien hoe publieke middelen bijdragen aan een beter leven.
Dan verandert volgens mij ook het gesprek. Niet langer: hoe betalen we de zorg? Maar: hoe investeren we in zekerheid, vitaliteit en veerkracht? Dat geeft bestuurders en beleidsmakers een nieuw kompas. Want wie zich zeker voelt, gezond leeft en verbonden is met anderen, heeft minder zorg nodig. En leeft niet alleen langer, maar ook beter.
Bronnen:
- Centraal Bureau voor de Statistiek. (2025, 8 oktober). Uitgaven gezondheids- en welzijnszorg stegen met 8,9 procent in 2024.
- Centraal Bureau voor de Statistiek. (2025, 8 oktober). Uitgaven gezondheids- en welzijnszorg; kerncijfers.
- Sociaal en Cultureel Planbureau. (2025, 28 augustus). Bestaanszekerheid vanuit een bredewelvaartsperspectief. Den Haag: SCP.
- Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Preventie, zorg en welzijn. Bilthoven: RIVM.
- Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Kosteneffectiviteit van preventie.
- Breukelaar, K. (2025, oktober). Platgeslagen zorgkosten. LinkedIn.